Klang
Gidsen
Gratis codeboom-sjabloon

Interviews coderen: open, axiaal en selectief coderen met een codeboom

Zo codeer je interviews stap voor stap: van de eerste labels in je transcript tot een codeboom die je onderzoeksvraag beantwoordt. Met een voorbeeld van elke codeerfase en een gratis codeboom-sjabloon in Word.

Download het codeboom-sjabloon (Word)Word-bestand · geen e-mailadres of registratie nodig
Eerst uitschrijven? Klang maakt het transcript, met sprekers en tijdcodes.Transcribeer je interviews met KlangProbeer Pro 7 dagen gratis
Web en mobielAVG-proofGehost in Europa

Gratis codeboom-sjabloon

Het sjabloon heeft per code een vaste plek voor de definitie, een voorbeeldcitaat, de categorie en de bron (respondent en tijdcode). Onderaan is ruimte voor je kerncategorie en je memo's, zodat je codeboom meteen je audit trail is.

Word-bestand (.docx). Werkt ook in Google Docs en LibreOffice. Helemaal gratis, zonder registratie.

Codeboom
Onderzoek
Ervaringen van mantelzorgers
Onderzoeksvraag
Hoe ervaren mantelzorgers de steun van hun gemeente?
Onderzoeker
Sanne
Datum
14 maart
Versie
3, na axiaal coderen
Codeboom
CodeDefinitieCitaatCategorieBron
Gebrek aan erkenningVoelt zich niet gezien als mantelzorger'Niemand vraagt hoe het met mij gaat'OnzichtbaarheidR4, 12:41
Zelf regelenOrganiseert hulp buiten de gemeente om'Ik heb het uiteindelijk zelf geregeld'Eigen regieR7, 08:15
KerncategorieMantelzorg als onzichtbaar werk

01

Wat is coderen in kwalitatief onderzoek?

Coderen is het geven van labels aan stukjes tekst. Een code is een kort woord of zinnetje dat samenvat waar een fragment over gaat. Zo maak je van tientallen pagina's transcript een overzicht dat je kunt vergelijken, ordenen en interpreteren.

Coderen is geen administratief klusje maar het hart van je analyse. Elke code is een kleine interpretatie. Daarom leg je vast wat een code betekent en waarom je een fragment zo labelt. Zo kan een lezer, of je begeleider, je redenering volgen.

Een veelgebruikte aanpak komt uit de grounded theory van Strauss en Corbin (Basics of Qualitative Research, 1990). Zij onderscheiden drie fasen: open, axiaal en selectief coderen. In Nederland is deze aanpak onder meer bekend uit Analyseren in kwalitatief onderzoek van Boeije en Bleijenbergh.

02

Voorbereiding: van opname naar codeerbaar transcript

Je codeert op tekst, dus eerst moet je opname uitgeschreven zijn. Zorg dat je transcript tijdcodes of regelnummers heeft. Dan kun je bij elk citaat verwijzen naar de plek in het interview en kun je twijfelgevallen terugluisteren.

Lees elk transcript eerst helemaal door voordat je gaat coderen. Noteer in de kantlijn je eerste indrukken. Vervang namen en herkenbare details door codes, zodat je geanonimiseerd werkt vanaf het begin.

Met de hand uitschrijven kost al snel enkele uren per uur opname. Met transcriptiesoftware zoals Klang krijg je een Nederlands transcript met sprekers en tijdcodes, dat je exporteert naar Word en daar of in je codeerprogramma verder codeert.

Eerst je interviews uitschrijven?Coderen begint bij een goed transcript. Upload je opnames en Klang schrijft ze uit in het Nederlands, met sprekers en tijdcodes. Exporteer naar Word en begin met coderen.
1Upload je opnames2Klang schrijft ze uit3Jij codeert in Word of je codeerprogramma
Probeer Pro 7 dagen gratis

03

Open coderen

Bij open coderen lees je het transcript regel voor regel en geef je elk relevant fragment een label. Je blijft dicht bij de data. Gebruik waar het kan de woorden van de respondent zelf: dat heten in-vivo codes. Een uitspraak als 'ik loop altijd achter de feiten aan' kan de code 'achter de feiten aanlopen' krijgen.

In deze fase is meer beter dan minder. Je zult veel codes krijgen, en sommige overlappen. Dat is prima. Stel jezelf bij elk fragment de vraag: waar gaat dit over, en wat zegt het over mijn onderzoeksvraag?

Codeer de eerste twee of drie interviews volledig open. Daarna zie je vaak dat codes terugkomen. Vergelijk steeds nieuwe fragmenten met bestaande codes: past het onder een bestaande code, of is het iets nieuws?

04

Axiaal coderen

Bij axiaal coderen breng je orde aan in je open codes. Je voegt codes samen die hetzelfde betekenen, hernoemt codes die te vaag zijn en groepeert ze in categorieën. Een categorie is een overkoepelend begrip met daaronder meerdere codes.

Strauss en Corbin gebruiken hiervoor een vast denkkader: onder welke omstandigheden komt iets voor, wat doen mensen dan, en wat zijn de gevolgen? Door je codes langs die vragen te leggen, zie je verbanden tussen categorieën. Zo ontdek je bijvoorbeeld dat 'zelf regelen' een reactie is op 'gebrek aan erkenning'.

Het resultaat van deze fase is een eerste versie van je codeboom: een hiërarchisch overzicht van categorieën en codes, met per code een definitie.

05

Selectief coderen

Bij selectief coderen kies je de kerncategorie: het centrale begrip dat de meeste andere categorieën verbindt en je onderzoeksvraag beantwoordt. Je herleest je data met die kerncategorie in gedachten en controleert of het verhaal klopt.

Schrijf de verhaallijn in een paar zinnen op. Bijvoorbeeld: mantelzorgers voelen zich onzichtbaar voor de gemeente, gaan daarom hulp zelf regelen en raken daardoor overbelast. Elke categorie heeft in dat verhaal een plek. Past een categorie nergens? Dan hoort die misschien niet bij deze vraag.

Niet elk onderzoek gaat tot en met selectief coderen. Wie geen theorie wil ontwikkelen maar thema's wil beschrijven, stopt vaak na axiaal coderen of kiest voor thematische analyse.

06

Een codeboom maken

Een codeboom is het overzicht van al je codes, geordend in hoofdcategorieën en subcodes. Hij laat zien hoe je van ruwe data naar je bevindingen bent gekomen. Daarom hoort hij meestal in de bijlage van je scriptie.

Een bruikbare codeboom bevat per code:

  • De naam van de code, kort en eenduidig
  • Een definitie: wanneer gebruik je deze code wel, en wanneer niet
  • Een voorbeeldcitaat uit je data
  • De categorie waar de code onder valt
  • De bron: respondent en tijdcode of regelnummer

07

Inductief of deductief coderen?

Bij inductief coderen ontstaan je codes uit de data. Je begint zonder vaste lijst. Dat past bij verkennend onderzoek, waar je nog niet weet wat je gaat vinden.

Bij deductief coderen begin je met codes uit theorie, je literatuurstudie of je topiclijst. Je kijkt welke fragmenten daarbij horen. Dat past als je een bestaand model wilt toetsen of toepassen.

In de meeste scripties werk je met een combinatie. Je start met een paar codes uit je theoretisch kader en voegt tijdens het open coderen nieuwe codes toe. Beschrijf in je methodehoofdstuk welke codes vooraf vastlagen en welke uit de data kwamen.

08

Thematische analyse: coderen volgens Braun en Clarke

Wil je geen theorie ontwikkelen maar patronen beschrijven? Dan kies je vaak voor thematische analyse. De methode komt uit het artikel 'Using thematic analysis in psychology' van Virginia Braun en Victoria Clarke (Qualitative Research in Psychology, 2006, jaargang 3, pagina 77 tot 101). Ook hier is coderen de kern, maar het eindpunt is een handvol thema's in plaats van een kerncategorie.

Braun en Clarke beschrijven zes fasen. Je doorloopt ze niet strikt na elkaar, maar gaat heen en weer:

  • Vertrouwd raken met de data: transcripten meerdere keren lezen en eerste ideeën noteren
  • Initiële codes genereren: systematisch alle relevante fragmenten labelen
  • Zoeken naar thema's: codes groeperen tot kandidaat-thema's
  • Thema's herzien: controleren of elk thema klopt met de fragmenten en met de hele dataset
  • Thema's definiëren en benoemen: per thema beschrijven waar het over gaat
  • Het rapport schrijven: de thema's uitwerken met citaten en interpretatie

09

Coderen in Word, ATLAS.ti, NVivo of met AI

Voor een kleine scriptie volstaat Word. Markeer fragmenten, zet de code in een opmerking en verzamel alles in een tabel. Wordt je dataset groter, dan helpen programma's als ATLAS.ti, NVivo of MAXQDA. Daarmee zoek, filter en vergelijk je codes over al je interviews.

AI kan je helpen sneller door je data te gaan, maar neemt het coderen niet van je over. Met Klang stel je vragen over al je interviews tegelijk, zoals 'waar praten respondenten over steun van familie?'. Elk antwoord verwijst naar het bestand en de tijdcode, zodat je zelf het fragment leest en beslist welke code past.

Wat je ook gebruikt: jij bent de onderzoeker. Controleer elke suggestie, vermeld in je methodehoofdstuk welke tools je hebt gebruikt en check de regels van je opleiding over AI.

Heb je je opnames al?Upload mp3, m4a, wav of video en krijg een Nederlands transcript met sprekers en tijdcodes.
Transcribeer je interviews

Open, axiaal en selectief coderen naast elkaar

De drie fasen van Strauss en Corbin op een rij. In de praktijk loop je ze niet strikt na elkaar af, maar ga je heen en weer.

Open, axiaal en selectief coderen naast elkaar
FaseWat je doetResultaat
Open coderenFragmenten regel voor regel labelen, dicht bij de woorden van de respondentEen lange lijst codes
Axiaal coderenCodes samenvoegen, hernoemen en groeperen, verbanden zoeken tussen categorieënCategorieën en een eerste codeboom
Selectief coderenEen kerncategorie kiezen en de verhaallijn schrijvenEen samenhangend antwoord op je onderzoeksvraag

Voorbeeld: één fragment door drie fasen

Zo ziet één interviewfragment eruit in elke codeerfase:

Fragment (R7, 08:15)
'Ik heb drie keer gebeld en niemand kwam terug. Uiteindelijk heb ik via de buurvrouw een thuishulp gevonden. Ik heb het uiteindelijk zelf geregeld.'
Open coderen
'Geen terugkoppeling van gemeente', 'hulp via eigen netwerk', 'zelf geregeld' (in-vivo).
Axiaal coderen
'Geen terugkoppeling' valt onder de categorie Onzichtbaarheid. 'Hulp via eigen netwerk' en 'zelf geregeld' vallen onder Eigen regie. Verband: eigen regie is een reactie op onzichtbaarheid.
Selectief coderen
Kerncategorie: mantelzorg als onzichtbaar werk. Het fragment illustreert hoe onzichtbaarheid leidt tot eigen regie.

Veelgestelde vragen over interviews coderen

Wat is een codeboom?

Een codeboom is een overzicht van al je codes, geordend in hoofdcategorieën en subcodes, met per code een definitie en een voorbeeld. Hij laat zien hoe je van je data naar je bevindingen bent gekomen en hoort meestal in de bijlage van je scriptie.

Wat is het verschil tussen open, axiaal en selectief coderen?

Bij open coderen geef je fragmenten een eerste label. Bij axiaal coderen orden je die codes in categorieën en zoek je verbanden. Bij selectief coderen kies je een kerncategorie die alles verbindt en je onderzoeksvraag beantwoordt.

Hoeveel codes zijn normaal?

Daar is geen vaste norm voor. Na open coderen heb je vaak veel codes, die je bij axiaal coderen terugbrengt tot een overzichtelijk aantal categorieën. Belangrijker dan het aantal is dat elke code een heldere definitie heeft.

Kan ik interviews coderen in Word?

Ja. Markeer fragmenten, zet de code in een opmerking en verzamel codes, citaten en bronnen in een tabel, zoals in het codeboom-sjabloon op deze pagina. Bij veel interviews wordt een programma als ATLAS.ti, NVivo of MAXQDA overzichtelijker.

Mag AI mijn interviews coderen?

AI kan suggesties doen en helpen fragmenten te vinden, maar de interpretatie blijft jouw werk. Controleer elke suggestie, vermeld welke tools je hebt gebruikt en check de regels van je opleiding. Let ook op privacy: gebruik alleen tools die je data niet gebruiken om AI te trainen.

Moet ik met twee personen coderen?

Dat hangt af van je aanpak en je opleiding. Een tweede codeur die een deel van de interviews meecodeert, maakt je analyse beter navolgbaar. Bespreek verschillen en pas je codedefinities aan. Of je daarbij een maat als Cohen's kappa rapporteert, overleg je met je begeleider.

Wat is het verschil tussen coderen en thematische analyse?

Coderen is een stap: fragmenten een label geven. Thematische analyse is een complete methode waarin coderen de tweede van zes fasen is. Daarna groepeer je codes tot thema's, herzie je ze en schrijf je ze uit. Bij grounded theory werk je met dezelfde codes toe naar een kerncategorie.

Van opname naar analyse

Laat Klang je interviews uitschrijven

Upload je opnames of neem op met de Klang-app. Klang schrijft het gesprek uit in het Nederlands, scheidt de sprekers en houdt elke zin gekoppeld aan de audio. Daarna stel je vragen over al je interviews tegelijk.

Sprekerherkenning zit in Pro · Gehost in Europa

Lees ook